Stroomvoorziening - De acculader


Inhoudsopgave - Stroomvoorziening


De acculader

De acculader

Een goedkope ongeregelde lader is niet zo geschikt om langdurig op de accu aangesloten te laten. De spanning zal te hoog oplopen omdat veelal een druppellading ontbreekt en er geen goede laadkarakteristiek is om de accu snel te kunnen laden.

De laadstroom loopt terug voordat de accu vol is. Wil je toch, bijvoorbeeld gedurende de winterstalling, de accu's met een ongeregelde lader op peil houden, schaf dan een lader aan met een CE- of KEMA-keur, met maximaal 10 ampère.

Plaats de lader en sluit aan via een tijdschakelaar op 230 volt. Neem een diode op in de plusdraad naar de accu(s). De diode moet 10 ampere kunnen voeren. De klok zodanig instellen dat de accu elke dag voldoende wordt geladen om zelfontlading te compenseren.

Dat bepaal je als volgt: een dag nadat de accu volledig geladen is, zet de lader op snelladen en lees de ampère af op de lader. Voor elke 100 Ah moet twee uur per dag worden geladen (het product van ampère x uren moet 2% van de totale accucapaciteit bedragen).

Een voorbeeld: de accu levert 2 ampère en heeft een capaciteit van 75 Ah. Dan is ca. 1 uur en 15 minuten laden per dag genoeg. Na de stallingsperiode de accu's weer bijvullen met accuwater.

elektra


De belangrijkste voordelen van de geregelde of automatische laders zijn:

  • Accu's worden beter en sneller geladen door hun uitgekiende laadkarakteristiek.
  • Een aanwezige temperatuursensor houdt rekening met de temperatuur van de accu. Dit is nodig bij gel-accu's.
  • Regeling van de temperatuur is goed voor de levensduur van lood-accu's.
  • Voor toepassing van een hoogfrequent omvormingsprincipe is geen zware transformator nodig.
  • Ze hebben een betere arbeidsfactor en vragen geen hoge inschakelstroom.
  • Daardoor een hogere laadstroom bij een geringere netstroom.

Laadkarakteristiek

Hier wordt bedoeld de IUoU laadkarakteristiek. Deze karakteristiek laadt tot de gasspanning (2,38 volt per cel) met constante laadstroom, waarna automatisch deze spanning gedurende een vooraf bepaalde tijd wordt vastgehouden en daarna verlaagd tot druppellading.

Dit type lader laadt de accu's optimaal en kan zonder bezwaar aangesloten blijven. Voor gel-accu's zijn andere laadkarakteristieken niet geschikt. Het kenmerk van de laadkarakteristiek staat aangegeven op de behuizing van de lader.

Let op! Een gel-accu kan niet zomaar in het elektrisch circuit van de kampeerauto worden opgenomen. Naast een correcte laadkarakteristiek is er bovendien een temperatuurregeling nodig.

Capaciteit

Voor het bepalen van de maximaal toegestane laadcapaciteit werd vroeger de 10% regeling gehanteerd. Dat was in de tijd dat de acculaders nog niet stroom en spanning geregeld waren. De moderne laders zijn uitgerust met een temperatuurregeling die er voor zorgt dat de spanning geregeld wordt aan de hand van de temperatuur van de accu.

Vandaar dat tegenwoordig 25% van de accucapaciteit kan worden gehanteerd. Bijvoorbeeld: 25% van 75 Ah is 18,75 ampère. Bij gel-accu's kan men zelfs 50% van de accucapaciteit als laadcapaciteit hanteren.

Rendement

De accu's hebben in principe geen erg hoog rendement. Om te voorkomen dat de accu's niet worden beschadigd, is het van belang accu's niet verder te ontladen dan 50% van de capaciteit.

Bij het opladen van de accu komen we niet verder dan 80%. Verder laden is moeilijk door de toename van de inwendige weerstand. Het probleem kan worden opgelost door het toepassen van een drietrapsregelaar, die er tot 95% in kan persen.

Het praktische gebruik is veelal niet groter dan 35% tot 45%, nauwelijks meer dan een derde van wat we dachten.