Stroomvoorziening - Aggregaat


Inhoudsopgave - Stroomvoorziening


Aggregaat

Inleiding

Voor recreatief gebruik kan een (draagbaar) aggregaat een praktische aanvulling zijn op de energiebehoefte van een kampeerauto. De combinatie met een 12 of 24 Volt omvormer is interessant wanneer geen elektrische apparaten worden gebruikt die langdurig een hoog vermogen vragen zoals een elektrisch fornuis, een wasmachine of een droogtrommel.

Voor apparatuur die maar enkele minuten hoog vermogen vragen is het niet verstandig om het aggregaat hiervoor te laten draaien. De motor komt niet op temperatuur en kan op den duur vervuilen. De energie die uit de accu is gehaald tijdens het voeden van deze apparatuur kan via een acculader door het aggregaat of via de paal in korte tijd weer worden bijgeladen. Het aggregaat heeft dan als hoofdtaak de accu('s) te laden.

Er zijn diesel- en benzineaggregaten. De benzineaggregaten kunnen vooraf door de fabrikant worden aangepast op LPG-bedrijf. Het is ook mogelijk dit type aggregaat achteraf door de leverancier om te laten bouwen op LPG-bedrijf.

Veel belasting is beter

Voor het opwekken van 50 Hz wisselstroom moet het aggregaat op een constant toerental draaien. Bij geen of weinig belasting blijft de temperatuur van de motor te laag met als gevolg technische problemen. De hele dag het aggregaat te laten draaien die niet of nauwelijks wordt belast, is daarom niet aan te bevelen. Ook al niet vanwege het lawaai, stank en het brandstofverbruik.

1.500 of 3.000 omw/min

Wanneer veel gebruik wordt gemaakt van het aggregaat is de keuze voor 1.500 toeren aan te bevelen. De 3.000 toeren is meer ontworpen voor een beperkt aantal uren draaien. En bovendien niet geschikt voor gebruik op vollast. Een belasting aanhouden van niet meer dan 80% van de nominale vermogen.

Soorten verbruikers

Voor het bepalen van een geschikt aggregaat is het belangrijk om eerst de verbruikerscategorie vast te stellen waarin de toepassing valt. Er zijn drie soorten verbruikers:

1. Weerstand verbruikers
Dit zijn eenvoudige verbruikers, zoals: de gloeilamp, een broodrooster en een elektrische kachel. Hun stroomverbruik is constant. Er is geen extra aanloopstroom nodig. De prestatie van de verbruiker is niet afhankelijk van de kwaliteit van de afgegeven spanning.

2. Inductieve verbruikers
Dit zijn apparaten met een elektromotor, zoals: elektrisch gereedschap, compressorkoelkast, airconditioning. De prestatie is afhankelijk van de kwaliteit van de afgegeven spanning. Een spanning van een lage kwaliteit veroorzaakt trillingen en daardoor lage prestaties van de elektromotor. Dit betekent dat de elektromotor zijn maximumtoerental of -koppel niet kan bereiken, met oververhitting en uiteindelijk een kortere levensduur tot gevolg.

Bij inductieve verbruikers is een extra aanloopstroom nodig. Het uiteindelijke stroomverbruik is aanzienlijk minder wanneer de elektromotor eenmaal draait. Apparaten zoals zaag- en boormachines zijn ook inductieve verbruikers. Het stroomverbruik is laag. Maar er is een aanloopstroom nodig die 2 tot 5 keer het uiteindelijke stroomverbruik is.

3. Elektronische verbruikers
Elektronische verbruikers zijn apparaten met zeer gevoelige elektronica, zoals: de computer (laptop), TV en hifi-apparatuur. Ze zijn zeer gevoelig voor de kwaliteit van het elektrische signaal. Deze apparaten hebben een stabiele spanning nodig om goed en constant te kunnen werken.

Maximaal en nominaal vermogen

Bij aggregaten staat vaak het maximale vermogen vermeld. Maar bij de specificaties staat ook vaak het ‘nominale vermogen’ vermeld. Het maximale vermogen is het vermogen dat een aggregaat continu kan leveren gedurende een korte periode. Het nominale vermogen dat een aggregaat gedurende langere tijd kan leveren, meestal 90% van het maximale vermogen.

NKC TIP

Gebruik het nominale vermogen om te bepalen of een aggregaat in staat is om de verbruikers continu van voldoende vermogen te voorzien.

 

Hoe krachtig moet het aggregaat zijn

Het vermogen van het aggregaat moet worden afgestemd op de aangesloten verbruikers. Er moet een overzicht worden gemaakt van 230 Volt apparatuur en van de apparatuur dat eventueel via het stopcontact van het aggregaat worden gevoed.

Het vermogen van alle verbruikers worden bij elkaar opgeteld. Meestal worden niet alle apparaten op hetzelfde moment gebruikt. Daarom wordt er een gelijktijdigheidsfactor toegepast. Er moet gecontroleerd worden of het aggregaat groot genoeg is om een aantal apparaten gelijktijdig te voeden.

Belangrijk is daarbij dat de motor van het aggregaat voldoende belast, maar zeker niet wordt overbelast. Laat apparatuur met gering vermogen op de omvormer werken en alleen de apparaten met groot vermogen op het aggregaat.

Ook is van belang het aggregaat af te stemmen op de categorie verbruikers. Vraag om deskundig advies voor een exacte berekening van het vermogen en voor het juiste type. Dit laatste heeft betrekking op de methode van de afgeregelde spanning.

Kwaliteit afgegeven spanning

Welke verbruiker ook is aangesloten, een spanning van hoge en constante kwaliteit verlengt de levensduur van de verbruikers. Inductieve verbruikers vragen om spanning van zeer hoge kwaliteit voor betere prestaties. Elektronische verbruikers kunnen zelfs uitvallen als de spanningskwaliteit niet hoog genoeg is.

Om een hoge en constante kwaliteit van de afgegeven spanning te bereiken, moeten de spanning en het vermogen op de juiste wijze geregeld worden. Er is een aantal verschillende regelingen beschikbaar waarmee de spanning en het vermogen van een generator geregeld kunnen worden, elk met andere voordelen. De leverancier kan u daarover verder informeren.

Geluidproductie

De geluidswaarden die fabrikanten van aggregaten opgeven zijn nogal wisselend van aard. Men meet in een laboratoriumopstelling het direct aan de omgevingslucht overgedragen geluid. Soms meet men de waarden op 7 meter afstand en de andere keer gelden weer andere afstanden. De meetresultaten zijn dan ook moeilijk vergelijkbaar en geven de eindverbruiker slechts een beperkt houvast.

In de specificaties van de aggregaten is het geluidsniveau in decibel vermeld. Voor elke 3 decibel meer klinkt voor het menselijk oor het geproduceerde geluid twee keer zo luid. Zo klinkt een generator met een geluidsniveau van 70 decibel twee keer zo luid als een generator met een niveau van 67 decibel.

Nu doen fabrikanten van aggregaten veel aan het reduceren van geluid. Dat uit zich ondermeer in de toepassing van laagtoerige aggregaten, uitstekende geluiddempers en eventuele toepassing van isolatie. Het gebruik van LPG als motorbrandstof heeft ook een behoorlijk geluiddempend effect.

Het is nu eenmaal vervelend de buren lastig te vallen met het geluid en stank van een aggregaat dat in bedrijf is. Het voordeel van een draagbaar aggregaat is dat deze op een een flinke afstand van de kampeerauto geplaatst kan worden. Afstand reduceert het geluid. En wanneer het aggregaat op LPG draait, reduceert dat het geluid nog eens extra en de stank van de uitlaatgassen is ook een stuk minder. Het aggregaat op LPG is zeker aan te bevelen.

Yamaha-aggregaat Honda-aggregaat
Yamaha aggregaat Honda aggregaat